|
Afnemers van diensten van uitzendbureaus moeten een flexconstructie kiezen die bij de organisatiedoelstellingen en organisatiecultuur past. Dat bepleit Patrick Bakker, director general staffing van Adecco Nederland. Hij is tevens initiatiefnemer van het onderzoek `U doet VAST aan FLEX`, uitgevoerd door Adecco en TNO.
Bedrijven die diensten afnemen van uitzendbureaus volgens het model multi vendor werken met een beperkt aantal suppliers samen. Het specifieke arbeidsmarktsegment bepaalt de samenwerkingsrelatie. Het master vendor-model houdt in dat de inlener één leverancier inschakelt die eigen personeel en flexwerkers van andere leveranciers levert. Via het neutral vendor-model fungeert het flexbureau als bemiddelaar tussen leverancier en inlener. Het commodity-model houdt in dat volledig wordt geconcurreerd met andere leveranciers, zonder raamcontracten of vorm van intermediairschap.
Anneke Goudswaard, onderzoeker en adviseur bij TNO, stelt dat het ene model niet per se succesvoller is dan het andere. Een model genereert pas succes als het past bij de bedrijfsfilosofie, toekomstambities en capaciteiten van een onderneming. Goudswaard concludeert dat het vereiste bewustzijn bij veel bedrijven ver is te zoeken.
Bron(nen):
Flexmarkt (juni 2009)
|